Focus op voedingselementen: calcium

29 januari 2018

Calcium (Ca) is voor een plant de belangrijkste bouwsteen van de membranen en celwanden. Het voedingselement draagt bij aan de stevigheid van een plant. En het is noodzakelijk voor de celdeling. ‘Focus op voedingselementen’ staat deze maand in het teken van: calcium.

Wat is de functie van calcium?

Calcium wordt door de plantenwortels opgenomen in de vorm van calciumionen (Ca2+). Dit gebeurt vrijwel uitsluitend via de worteltoppen. Het is een passief proces gedreven door verdamping van de plant. Calcium wordt slecht door de plant verdeeld. Als een plant niet goed kan verdampen, zal daardoor de calciumaanvoer naar groeipunt, bladrand of vruchttop veel minder zijn. Calcium is de belangrijkste bouwsteen van de membranen en celwanden. De stevigheid van gewassen wordt mede bepaald door de calciumvoorziening. En zonder calcium is celdeling niet mogelijk. Indirect speelt calcium een rol in de energielevering binnen een cel. Het calciumgehalte in de plant kan variëren van 0.1 tot soms 5 procent van de droge stof.

In welke vormen komt calcium voor?

Calcium wordt bij de productie van potgrondmengsels vooral ingebracht in de vorm van (koolzure magnesia)kalk. Het calcium in deze kalk komt vrij tijdens het langzaam oplossen van de kalk. Daarnaast kan bemesting met calcium ook via bijvoorbeeld calciumnitraat plaatsvinden. Een groot deel van het calcium dat met bekalken en bemesting wordt toegediend, wordt gebonden aan het adsorptiecomplex. De concentratie aan calcium in de oplossing wordt uiteindelijk mede bepaald door de hoeveelheid andere kationen (zoals kalium en magnesium), omdat deze onderling concurreren om de binding op het adsorptiecomplex. Voor K-Ca-Mg ontstaat daarom vaak een verhouding van ongeveer 4-2-1 in de oplossing. Als calcium in heel erg hoge concentraties in oplosbare vorm in een substraat aanwezig is, heeft het de neiging om neer te slaan met sulfaat of fosfaat. Dan kunnen er slecht oplosbare calciumzouten ontstaan, zoals calciumsulfaat of calciumfosfaat.

Wat is het effect van calcium?

Gebrek aan calcium is het eerste waar te nemen in de groeipunten (bladrand en punt van de vrucht) door een slechte bewegelijkheid in de plant. Het transport van calcium in de plant hangt samen met de sapstroom. Als de sapstroom wordt geremd door een slechte verdamping van de plant, ontstaat er op den duur kans op calciumgebrek. Een hoge luchtvochtigheid gedurende enige tijd, remt de verdamping. Hierdoor kunnen bij tomaat en paprika neusrot ontstaan, zelfs ondanks een redelijk calciumaanbod. Ook kan een hoog ammonium- of kaliumgehalte in de voedingsoplossing de calciumopname door de plant remmen. Anjers tonen calciumgebrek door het knijpen van het blad, met necrose tot gevolg. Bij aardbei kan

Neusrot tomaat RHP

Neusrot bij tomaat.

door calciumgebrek ‘tip-burn’ ontstaan. In de rozenteelt ontstaan bij gebrek kleine dikke blaadjes (jong blad), gevolgd door necrose. Een tekort aan calcium komt ook regelmatig voor bij Schefflera. Dit uit zich in de vorm van bladverdroging en bladval. Ook hier speelt het klimaat een voorname rol. Een overmaat aan calcium is ook mogelijk. Calciumovermaat veroorzaakt bijvoorbeeld goudspikkels bij tomaten en stip bij paprika.

Neusrot paprika RHP

Neusrot bij paprika.

Wat is de RHP-normering voor calcium?

Calcium zit in kalkproducten die aan substraten worden toegevoegd en in specifieke meststoffen. Deze producten die in RHP-substraten worden gebruikt, worden gecontroleerd op onder andere het calciumgehalte. En omdat kalk een delfstof is, wordt het ook gecontroleerd op verontreiniging met o.a. sporenelementen. RHP-gecertificeerde kalkproducten moeten ook voldoen aan specifieke eisen qua fijnheid. Voor substraten met het RHP Horticulture-keurmerk bepalen substraatproducent en kweker samen wat het calciumgehalte moet zijn, passend bij de teelt.

Meer nieuws? 

toon alle items